Vooral ook omdat Van Springel al enkele dagen in het geel reed en Janssen na de ochtendetappe nog steeds op 16 seconden stond, net als drie dagen ervoor in Sallanches.
Herman deed 1.21.03 over de 54,7 km individuele tijdrit, Janneman 1.20.09.
Hij verloor 54 seconden, teveel dus.
Het had echter heel anders kunnen lopen als Felix Lévitan persoonlijk niet had ingegrepen.
Op zaterdag tijdens een etappe van 242 km van Besancon naar Auxerre is er een groepje van zes weg.
Leman, Wright, López-Carill, Ducasse, Dumont en Poppe.
André Poppe, ploegmaat van Van Springel bij Dr Mann. Er werd met ploegenteams gereden maar Van Springel kon zeker op Poppe rekenen, altijd handig een ploegmaat voorop. Dubbelop dus.
Alleen ging die kopgroep nogal voorspoedig vooruit.
En had Poppe maar een achterstand van 12 minuut vijftig op de gele trui.
Waardoor hij op enig moment vrij royaal virtueel in geel reed.
Niet dat dit toen zo genoemd werd maar het blijft hetzelfde.
Met een beetje geluk won de trouwe knecht een dag later de Tour de France ...
Felix Lévitan daarentegen was daar helemaal niet blij mee.
Van Springel of Bracke, San Miguel, Janssen, Pingeon, Aimar, Bitossi oké.
Maar Poppe, NON!
Lévitan greep in, zijn voiture ging de ploegleiders langs, het peloton werd aangemaand, de kopgroep gepaaid met verdienstelijke na-Tour contracten, kortom,
de voorsprong liep snel terug.
De kopgroep redde het wel, Leman won en Poppe werd zesde.
Eef Dolman en Vic Denson waren bijna zes minuten de eerste van de achtervolgende horde.
Het had zo mooi kunnen zijn,
André Poppe had de Tour kunnen winnen.
Hoofdpijn schijnt hij er niet van gekregen te hebben,
vandaag is hij tachtig geworden.
Van de bijna-naamgenoot, voor de bijna-Tourwinnaar.
Maar liefst zevenmaal zette hij de monsterrit op zijn naam.
Voor Fabio blijft hij de man die de afsluitende tijdrit in de Tour de France verloor en daarmee zijn geel aan Jan Janssen moest laten.
Pijnlijk,
later schijnen Jan en Herman goeie (vis)maatjes te zijn geworden.
Herman mag geen Eeuwige Tweede genoemd worden maar hij kón dat wel, twiddes worden.
Behalve die Tour van 1968 viste hij dat jaar op 't WK ook net naast het net (Adorni), de Giro van 1971 moest hij aan Pettersson laten, in 1968 en 1971verloor hij Parijs-Roubaix aan achtereenvolgens Merckx en Rosiers. Derde in de Vuelta van 1970 mag in dit rijtje ook wel worden genoemd, Ocana won.
Maar wat heeft Van Springel wel gewonnen?
Omloop het Volk, Gent-Wevelgem, Ronde van Lombardije, Parijs-Tours, tweemaal de Brabantse Pijl, de groene trui in de Tour van 1973, vijf etappes in de Tour en vele in de diverse 'kleinere' etappekoersen.
Een jongedame met racefiets,
gezien het bijschrift tijdens een training, in 1937.
Mien van Bree,
pionier van het dameswielrennen.
Haar belangrijkste tegenstrever, de Belgische Elvire Debruyne, openbaarde zich in 1937 als man, Willem Debruyne, waarop háár tijd kwam.
In 1937 Europees kampioen en 'n jaar later wereldkampioen.
Dat moest in de krant maar vraag níet hoe.
'Zouden onze vrouwen niets beter te doen hebben?'
In 1938 werd ze ook weer Europees kampioen en in 1939 weer wereldkampioen.
Toen werd het oorlog.
Mien stopte met wielrennen.
En de journalist van hierboven kon tevreden zijn.
Mien werkte als verpleeghulp en zorgde tot hun dood voor haar ouders.
Op 4 augustus 1983 werd ze, 68 jaar oud, dood aangetroffen in haar huis.
Op 4 augustus 1937 werd in België een Yvonneke Reynders geboren.
Tussen de dood van de moeder en de vader van Mien begon Yvonne te koersen. En te winnen.
Toen ze stopte met wedstrijden was ze zevenmaal wereldkampioen en tienmaal Belgisch kampioen geweest.
Vandaag wordt Yvonne Reynders 80 jaar.
En nog steeds voelt menig wielrenner of toerfietser zich onbehaaglijk als hij gepasseerd wordt door een dame.
Piet Moeskops, net als Mien van Loosduinen, lostte dat op door tegen Mien, in z'n wiel, te zeggen dat ze maar eens moest gaan koersen, dat zij er menig man uit zou sprinten.
De GP Briek Schotte, Kuurne-Brussel-Kuurne, Dwars door Belgie, Rund um den Henninger Turm, Dwars door Vlaanderen, E3 Prijs, Nationale Sluitingsprijs, GP d'Isbergues, etappes in de Tour, Dauphiné, de Rondes van Zwitserland en Catalonie.
Niet mis voor een renner die vooral ook steun en toeverlaat van Herman van Springel was.
Maar Daniel verloor vroeg zijn vader.
Zijn zoon benam zich het leven benam vanwege een ernstige ongeneeslijke ziekte.
Daniel kon dit niet verkroppen en maakte zelf een einde aan zijn verdriet.
Inderdaad voormalig wielrenner en niet de minste.
De eerste die de hegemonie van Poeske Scherens op de sprint een halt toeriep.
Mooi, iets om trots op te zijn.
Alleen,
Opa Frans was niet zomaar een wielrenner,
nee, opa was ploegleider van de legendarische wielerploeg Mann-Grundig.
Hierboven Frans Cools temidden van enkele renners bij Dr Mann in de fabriek.
Hieronder zomaar een greep van hun arsenaal aan renners.
Niet de minsten in die tijd.
Zéker niet die daar linksonder.
Ooit een van de actoren in het mooiste spelletje Nederland-België van de laatste eeuw.
Misschien wel ooit.
Juist, Monsieur Bordeaux-Paris, Herman van Springel.
Sinds een tijdje heb je net als Herman hierboven een Libertas-fietske,
en hiermee ben je heel content.
Je grootmoeder van moeders kant is d'r trouwens ook nog een van Dr Mann Poeders zelf.
Het plaatje is wel een beetje duidelijk denkt Fabio.
Toch?
En dan fietst diejen kleinzoon zo z'n rondje,
hangt d'r inenen 'n wat oudere maar pezige renner in z'n wiel.
Krek!
Van Springel.
Zoiets verzinde nie.
Niks veranderd,
hij bleef ook in 't wiel.
Altijd eerst 't bordje van de ander leeg eten.